Verslag

Baas in eigen buurt?

Deel dit bericht
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+

Bewoners nemen steeds vaker het heft in handen in hun eigen buurt. Ze beheren moestuinen, knappen zelf gebouwen op, die ze dan weer gebruiken voor naaicursussen, kinderateliers of sportlessen. Vaak doen ze dat (nog) onder begeleiding van sociale professionals en met financiering van fondsen en overheden. Uiteindelijk is het doel om los daarvan te functioneren als buurtondernemer. Maar hoe reëel is dat? Onder welke voorwaarden kan het? En wat is dan de nieuwe rol van overheid en de professional? En hoe verhoudt deze vorm van ondernemerschap zich met traditioneel ondernemerschap? Over deze complexe zaken discussieerden zo’n 50 mensen in de Garage Notweg in Osdorp.

Verslag: Sara Zieter (14 jaar) en Nies Medema (Jongerenpersbureau Gibraltar en www.jongesla.org)
Foto’s: Sara Zieter

Wat biedt de buurt?
De middag startte met een rondleiding door buurtbeheerbedrijf Nieuw Reimerswaal. Projectleider Ester Lacourt, huismeester Paula van Oldenmark en baliemedewerkster Latifa Chaura leidde een dertigtal geïnteresseerden langs initiatieven van buurtbewoners in samenwerking met sociale organisaties en corporaties.

Moestuinen en huiskamer
Ester Lacourt coördineert diverse projecten in Osdorp die bewoners in de wijk werkgelegenheid en ondernemersruimte bieden. Ze doet dit in opdracht van woningcorporatie Ymere en is in dienst van Zone3. Zone3 is in 1997 opgericht door twee corporaties en stadsdeel Oost om de problematiek in diverse wijken aan te pakken. Zone3 creëert werkgelegenheid en bevordert de leefbaarheid, onder meer door mensen met afstand tot de arbeidsmarkt in te zetten bij sociale projecten.

Projectleider Ester Lacourt laat graag zien wat dit in de praktijk behelst en leidt ons vanuit het kantoor van Zone3 naar de moestuinen aan de overkant van de straat. Om die tuinen staat weliswaar een hek, maar dat blijft altijd open. Het leuke is dat er nooit iets is gestolen. Er is ook een buurthuiskamer ‘Het Reimertje’ waarin projecten voor de buurt worden georganiseerd. Het zijn onder meer de actieve buurtvaders die hiervan gebruik maken. Daarnaast zijn er naailessen en wordt er huiswerkbegeleiding gegeven.

Kindermoestuin
Veel van de nieuwbouw die in de Reimerswaalbuurt was gepland, gaat niet door. Omdat sommige woningen al wel zijn gesloopt, zijn er braakliggende stukken grond ontstaan. Die worden ingericht als moestuinen voor kinderen. De wijkploeg, een groep bewoners met een uitkering, aangestuurd vanuit Zone3, speelt daarin een rol. Ze hebben vaste taken, zoals zwerfvuil prikken. Zij hebben de bakken voor nieuwe moestuintjes en een tegelpad aangelegd. Er is in de buurt ook een studentenclub actief: Vooruit. Studenten geven een keer per week les in tuinieren. De opening van die nieuwe moestuintjes was half april.

Jammer genoeg is er in de nacht na de opening wel veel vernield. Niemand weet wie dat heeft gedaan, maar in de buurt wordt gefluisterd dat het jongeren waren die zelf geen plantenbak hebben gekregen. En dat terwijl wel iedereen was uitgenodigd uit de buurt om mee te doen. Maar met dit soort beschuldigingen moet je altijd heel voorzichtig zijn, vindt Jasper Balduk, die voor Stadsdeel Nieuw West werkt. Het raakt aan een gevoelig punt dat ook later in de discussie naar voren zal komen: wie kan er meedoen? Vaak heerst bij initiatieven voor en door de buurt het idee dat niet alle bewoners gelijke kansen hebben.

Schoonboomlaan
In de Schoonboomlaan vertelt huismeester Paula van Oldenmark met trots hoeveel lichter en schoner deze straat is geworden nu de bomen zijn gesnoeid. Het is wel lastig om bewoners te activeren, vindt Van Oldenmark. Zwerfvuil is een van de grootste ergernissen van mensen die hier wonen, maar hier in de buurt een schoonmaakploeg organiseren is tot dusver niet gelukt. Wel wordt er regelmatig zwerfvuil opgehaald door de wijkploeg.

Lukas Community
Mostafa El Filali (medewerker van het Amsterdams Steunpunt Wonen) vertelt over het functioneren van de Lukas Community. Die bestaat uit een groep bewoners uit Osdorp die in de oude Lukasschool aan de Notweg diverse initiatieven in zelfvoorzienende activiteiten willen omzetten. Het idee is dat sommige initiatieven zullen doorgaan als buurtbedrijf. In de oude Lukasschool huist nu een sportschool, een naai- en modeatelier, een kunstenaarscollectief en buurtmoedercatering.

El Filali: ‘We hebben weinig subsidie nodig, omdat we aan het werk gaan op verwaarloosde plekken. De Lukasschool hebben we zelf opgeknapt. De toiletten en keuken zijn opgeknapt door de Klusserscoöperatie ‘Vakman uit de Buurt’. Als bewoner kun je veel bezuinigen; op inrichting, op beheer, op personeel, op activiteiten. Het vrijwilligerswerk van mensen vertegenwoordigt een enorme waarde.’

Wie betaalt?
Een van de andere knelpunten bij het ontstaan van trusts en wijkondernemingen wordt in deze school zichtbaar. Bij de overheid heeft de afdeling Vastgoed een heel andere opdracht dan de sociale afdelingen. Bij de oprichting van de Lukas Community is hier discussie over gevoerd. En deze discussie is nog lang niet gesloten. Een mogelijke oplossing is dat lokale overheden de markt het goede voorbeeld zouden kunnen geven door hun eigen vastgoedportefeuille in aandachtsgebieden af te boeken. De gemeente zou bijvoorbeeld een korting op de huur kunnen aanmerken als subsidie in natura. Dat is de insteek van El Filali. ‘De Lukas Community creëert waarde, voor bewoners, voor de buurt en voor de gemeente. Bewoners verbeteren het pand en behoeden het voor verloedering. Met hun activiteiten dragen ze bij aan doelstellingen op het gebied van gezondheid, welzijn, werk en economie. En als bewoners het beheer van de gemeente overnemen, doen ze dat stukken sneller en goedkoper, waardoor de gemeente bespaart. Stel, er is een ruit gebroken in de school. De gemeente heeft een duur contract met, bijvoorbeeld, een glaszetter, die ze via allemaal schakels moeten activeren. Dat duurt lang, soms meer dan een maand. Als de Klussercoöperatie ingeschakeld wordt, repareert die dezelfde dag nog en veel goedkoper.’

Als je aan al die dingen een prijskaartje zou hangen, zou de gemeente de bewoners moeten betalen omdat ze vastgoed in stand houden en bovendien zorgen voor een levendige buurt, met gezondere mensen die minder vaak gebruik maken van een uitkering. Aldus El Filali.

Collectieve afspraken in individuele regeling
Na de wandeling heet Martin Heuzeveldt, bestuurder van het Kennisnetwerk Amsterdam en van Zone3, ons kort welkom in de Garage Notweg, een pand waar kleine, lokale ondernemers zijn gevestigd. Aansluitend houdt dagvoorzitter Nies Medema een reeks interviews op het podium waarna het publiek telkens de mogelijkheid krijgt om vragen te stellen. Rob van Eupen van de Dienst Werk en Inkomen krijgt als eerste het woord. Van Eupen is voorstander van het begeleiden van bewoners middels bewonersbedrijven, maar heeft ook begrip voor zijn collega’s die soms wat traditioneler naar het begeleiden van uitkeringsgerechtigden richting werk aankijken. Een belangrijk knelpunt is dat DWI met individuele mensen werkt en dat buurtondernemingen gebaat zouden zijn bij collectieve regelingen en meer flexibiliteit voor de inzet van uitkeringsgerechtigden.

Uitstroom naar werk
Ester Lacourt van Zone3 is blij met haar werkploeg die erop is gericht om mensen via een begeleide baan naar regulier werk te krijgen, maar het is niet realistisch om van hen te verwachten dat zij zichzelf als ondernemers gaan zien en zonder professionele begeleiding gaan draaien. Er zijn zo’n vier werkdagen nodig om tien uitkeringsgerechtigden aan het werk te houden. Reactie uit de zaal: dat komt omdat dit nog een ouderwets project is waarbij de organisaties denken voor de burgers. Dat kan waar zijn, volgens Lacourt, maar de mensen die in dergelijke projecten terecht komen hebben, zoals dat heet ”een grote afstand tot de arbeidsmarkt”. De kans dat ze zelf betaald werk vinden is heel klein. En dat is wel vaak de inzet van deze projecten. Terwijl, zegt Lacourt, veel mensen heel graag in de  werkploeg zouden willen blijven. Maar zij mag ze niet ‘houden’, na verloop van tijd moeten zij zichzelf zien te redden. En dat lukt vaak niet.

Motivatie en communicatie
Rik Winsemius werkt voor het ASW in Nieuw-West aan bewoners gestuurde wijkontwikkeling benadrukt dat het heel belangrijk is dat bewoners en professionals samen dit soort projecten opzetten. Maar het betreft complexe processen waarbij er vaak sprake is van twee stappen vooruit en één stap achteruit. Winsemius benadrukt dat zowel de bewoners als de professional zich hier niet door moeten laten ontmoedigen. Ook Jasper Balduk van Stadsdeel Nieuw-West beaamt dit. Daarnaast is het vanuit de overheid van groot belang om altijd te blijven communiceren met bewoners.

Oneerlijke concurrentie?
Een ander discussiepunt, ingebracht door Martin Heuzeveldt is de kwaliteit van de diensten en mogelijk oneerlijke concurrentie. Bijvoorbeeld: voormalige huisvrouwen geven op zolder cursussen en daardoor ziet de Volksuniversiteit haar aantal cursisten teruglopen. Niet altijd vindt de zaal, dat ligt er maar aan welke kwaliteitseisen je stelt: niet iedereen wil de hoogste kwaliteit, sommigen nemen genoegen met zo’n buurtcursus.

Maar het probleem van oneerlijke concurrentie bestaat ook in de Notweg: in de Lukasschool betalen mensen die van ruimte gebruik willen maken veel minder dan in de Garage Notweg. Dat geeft de bewoners die cursussen geven in de school oneerlijk voordeel ten opzichte van de bedrijven in de Notweg.

Rik Winsemius citeert de oprichter van Kwanda en inspirator van bewonersgestuurde wijkontwikkling, Gavin Andersson. Deze zei bij een bezoek aan Amsterdam dat hem was opgevallen dat iedereen zo bang was voor conflict. Maar conflicten zijn onvermijdelijk, zeker in de pioniersfase.

Nieuw West Werkt
Christa Brinkhuis coördineert het project Nieuw West Werkt waarbij werkzoekenden aan werkgevers en ondernemers in de buurt worden gekoppeld. En dat is zo succesvol dat inmiddels 45 deelnemers ander betaald werk hebben gevonden. Een succesvol project dus, maar geen bewonersinitiatief en het wordt ook niet door hen beheerd.

Concluderend stelt Winsemius: vooralsnog is geen enkel van de bewonersinitiatieven loonvormend. De vraag is hoe en of ze dat kunnen worden. Daarop is voorlopig geen eensluidend antwoord. Maar tijdens de borrel werd hier wel druk over doorgepraat.

Deel dit bericht
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+